Bosexploitatie
Voor de bosexploitatie werkzaamheden wordt materiaal ingezet dat speciaal ontworpen is voor minimale schade en zo weinig mogelijk overlast in het bos. Om schade aan de ondergroei in het bos te voorkomen staan de machines hoog op de wielen. Alle machines zijn uitgerust met zes of meer wielen en zijn er extra brede banden gemonteerd. Hierdoor is de bodemdruk minimaal en wordt spoorvorming voorkomen. De onderstellen van de machines zijn zo ontworpen dat alle wielen ten allen tijde contact met de grond hebben. Dit geeft maximale stabiliteit in situaties zoals steile hellingen of een modderige ondergrond.
Bij de oogst van zwaar hout of hout op steile hellingen waar geen harvester of forwarders voor ingezet kunnen worden, worden de bomen met een motorkettingzaag omgezaagd en met een zogenaamde Skidder uit het bos gereden.
De Skidder is uitgerust met een kraan om zo min mogelijk te hoeven manoeuvreren. Ook is er een op afstand bedienbare kabellier op de machine gemonteerd. Hiermee kunnen stammen op een grote afstand van de machine uit het bos gelierd worden.
De forwarders (uitrij combinaties) zijn uitgevoerd met camera´s. De machinist kan daarmee precies zien wat er rondom in de ´dode hoeken´ gebeurd. Zo worden beschadigingen aan de blijvende opstanden voorkomen en veilig gewerkt.
De harvesters en Forwarders werken volgens een zogenaamd Reduced Impact Logging systeem. De sleutelfactor hierbij is de nauwe samenwerking van planning en uitvoering.
Deze worden in vier stappen uitgevoerd:
1. In samenwerking met bosbeheerders wordt op kaarten precies aangegeven waar dunnings- en uitrijpaden mogen komen en welke bomen of andere zaken speciale aandacht nodig hebben. Deze paden en andere zaken zijn ook gemarkeerd in het bos. In een geschreven werkinstructie is beschreven met welke ander bijzonderheden rekening gehouden moet worden.
2. De harvester velt vervolgens, werkend vanuit deze paden, op een dusdanige manier dat de blijvende opstand minimaal beschadigd wordt. Indien nodig worden de bomen in z’n geheel over verjonging heen getild.
3. Bij het onttakken van de boom worden de takken op het dunningspad gelegd. De machine rijdt vervolgens over de takken om grondverdichting en spoorvorming te voorkomen.
4. De harvester heeft de verschillende sortimenten hout zodanig langs het uitrijpad gelegd dat de forwarder zonder onnodig manoeuvreren het hout kan opladen en uitrijden.










